19 juli 2026
Waarom 60 procent van de sportaccommodaties toe is aan vernieuwing

Zestig procent van de Nederlandse sportaccommodaties is verouderd en dringend toe aan vernieuwing (Rijksoverheid, 2024), zo blijkt uit cijfers van de Rijksoverheid uit 2024. Dat is geen toeval, en ook geen recent probleem. Het is het directe gevolg van een bouwgolf die zestig jaar geleden begon.
Tussen 1959 en 1975 groeide het aantal Nederlandse sportvelden en sportbanen van 6.974 naar 17.437, een toename van ongeveer 150 procent in zestien jaar. Vanaf de jaren zestig kwam structureel meer geld beschikbaar voor sportaccommodaties, met de grootste schaalvergroting in de jaren zeventig. Een tweede, kleinere uitbreidingsgolf volgde in de jaren zeventig en tachtig, vooral in groeigemeenten.
Wat ik in de praktijk zie, is dat gemeenten een naderend renovatiemoment vaak behandelen als een technische vervangingsopgave: hetzelfde gebouw, dezelfde indeling, nu alleen met nieuwe materialen. Dat is een gemiste kans. Een renovatiemoment is namelijk het enige natuurlijke moment waarop je zonder extra kosten opnieuw kunt kijken naar wat een Sportpark eigenlijk nodig heeft.
Vragen die ik dan stel: welke ruimten worden nog daadwerkelijk gebruikt? Welke kunnen gedeeld worden tussen verenigingen? Welke functies ontbreken juist, terwijl de wijk daar wel om vraagt? Een kleedkamer die vijftig jaar geleden logisch was voor één club, is dat nu misschien niet meer.
Ik behandel dit uitgebreider in "Sportparken onder druk", waar ik ook laat zien hoe deze renovatiegolf samenvalt met een tweede, losstaande ontwikkeling: de financiële druk op verenigingen sinds hun privatisering.
Lees meer op Sportparken onder druk
Loopt uw Sportpark tegen een renovatiemoment aan? Wij van Saven denken graag mee over wat dat moment voor uw specifieke situatie kan betekenen.

Natasja Heijink
Ontwikkelregisseur maatschappelijke sportlocaties