Het sportpark is vaak de enige plek in de wijk waar iedereen zomaar kan binnenlopen

Loop een willekeurige wijk door en tel de plekken waar u zomaar naar binnen kunt, zonder afspraak, zonder lidmaatschap, zonder iets te hoeven kopen. De school heeft een hek. Het bedrijventerrein heeft een pasje. De kerk heeft, hoe gastvrij ook bedoeld, voor veel mensen een drempel. De supermarkt is openbaar, maar niemand blijft er hangen.
Het sportpark is vaak de enige plek die overblijft.
Waarom is dat relevant voor hoe een gemeente ernaar kijkt?
Omdat een sportpark daarmee een functie heeft die verder reikt dan sport, ook als niemand dat expliciet zo heeft bedoeld. Het is een van de weinige plekken in een wijk waar verschillende generaties, achtergronden en inkomens elkaar fysiek tegenkomen, gewoon omdat ze er toevallig tegelijk zijn. Die functie ontstaat niet vanzelf uit de aanwezigheid van velden. Ze ontstaat uit hoe toegankelijk, uitnodigend en levendig een sportpark daadwerkelijk is buiten de trainingsuren. Dat sluit direct aan op wat nodig is om van een open hek ook echt een maatschappelijk sportpark te maken.
Een open hek maakt nog geen maatschappelijk sportpark
Wat maakt een sportpark tot een echte wijkplek, in plaats van alleen een verzameling velden?
Een paar dingen die ik steeds terugzie bij parken die deze rol wel vervullen. Een plek om te zitten die niet aan een specifieke club gebonden is, een bank, een pad, een plein. Zichtbaarheid vanaf de omliggende straten, zodat het park niet aanvoelt als afgesloten terrein maar als onderdeel van de wijk. Een reden om er te zijn buiten de eigen trainingstijd, zoals een wandelpad dat toevallig langs het park loopt, of een kantine die ook overdag open is. En mensen die er een taak hebben, een beheerder, een coordinator, iemand die niet alleen op zijn eigen club let maar op het park als geheel.
Betekent dit dat elk sportpark deze rol moet vervullen?
Nee, en dat hoeft ook niet. Een klein sportpark met twee kleine verenigingen aan de rand van een dorp heeft een andere opgave dan een groot park middenin een dichtbevolkte wijk met weinig andere openbare ruimte. De vraag is niet of een sportpark deze rol overal maximaal moet spelen, maar of de gemeente bewust heeft gekeken naar wat er in die specifieke wijk al aan ontmoetingsplekken is, en welke rol het sportpark daarin logischerwijs zou kunnen vervullen.
Waar wringt dit in de praktijk het vaakst?
Bij sportparken die decennia geleden aan de rand van een wijk zijn aangelegd, toen de wijk zelf nog niet bestond. Inmiddels ligt zo'n park midden in bebouwd gebied, maar de inrichting is nooit meegegroeid met die nieuwe rol. Het park functioneert dan nog als geisoleerd sportterrein, terwijl de wijk eromheen allang vraagt om een plek waar mensen samenkomen.
Weet u wat de rol van uw sportpark in de wijk eromheen zou moeten zijn, en of de huidige inrichting daar al bij past? Wij denken hier graag met u over mee, neem gerust contact op om dat samen te verkennen.

Natasja Heijink
Ontwikkelregisseur maatschappelijke sportlocaties